• Hans-Lukas Zuurman
  • Hans-Lukas Zuurman

'Duurzame energie uit wilgen halen loont'

DE GLIND/VOORTHUIZEN Wilgenplantages zijn van toegevoegde waarde voor het milieu én de portemonnee van bijvoorbeeld recreatieondernemingen en pluimveehouders.

Hans-Lukas Zuurman

Dat betoogt onderzoeker Martijn Boosten van Stichting Probos op grond van uitkomsten van twee proefprojecten in onder meer de gemeente Barneveld. Het gaat om pilots op recreatiegebied Zeumeren van LeisureLands bij Voorthuizen en bij pluimveehouder Van Deelen in De Glind.

ENERGIEWINNING Doel was in de praktijk te onderzoeken in hoeverre dubbel gebruik van grond zinvol kan zijn in het kader van energiewinning. Volgens Boosten was eerder al gebleken dat het gebruik van dure landbouwgrond voor dit doel geen haalbare kaart is. Maar als je functies gaat combineren, blijkt het wél lucratief te zijn, concludeert hij op basis van de proef op Zeumeren waar in 2013 een halve hectare met wilgen werd geplant. ,,Voor recreanten is de wilgenplantage een prima groenvoorziening, zij zien voor hun beleving van het gebied geen verschil of er nu planten of wilgen staan. En dat terwijl de oogst van zo'n bos weer lange tijd hout levert voor de kachel op avonturenpark SchatEiland van LeisureLands.''

EERSTE KEER OOGSTEN In november zal het bos voor de eerste keer geoogst worden. Die periode - twee jaar - lijkt lang, maar is nodig als aanlooptijd naar ,,volledige productie'', legt Boosten uit. ,,Op Zeumeren loopt dat geheel op schema. Daarna kun je elk half jaar oogsten.'' Uit de onderzoeksresultaten komt verder naar voren dat ook de biodiversiteit geen nadeel ondervindt: ,,De natuur heeft geen last van de wilgenplantage. Er zijn volop insecten en vlinders te vinden.''

WILGENDOOLHOF Verder blijkt dat er wel meer ruimte nodig is om het goed machinaal (lees: efficiënt) te kunnen oogsten. ,,Gebleken is dat het wat dat betreft nog wat puzzelen is op Zeumeren, een halve hectare is dan net te klein.'' Er is gedacht om een recreatief 'wilgendoolhof' aan te leggen, naar voorbeeld van een maïsdoolhof. ,,Maar dat bleek ingewikkeld te zijn: je hebt veel meer oppervlakte nodig om paden aan te leggen die verborgen blijven en die ruimte is lastig te vinden. Maïs is veel dichter: dan kun je volstaan met een kleinere ruimte.'' Probos beschouwt Zeumeren wel als 'hét voorbeeldproject' voor Nederland om te laten zien wat mogelijk is op recreatiegebieden als het om wilgenenergie gaat. ,,We blijven het volgen en kunnen als er weer geld beschikbaar komt, vervolgonderzoek doen.''

KIPLEKKER In De Glind onderzocht Probos in het project 'Kiplekker onder de wilgen' in hoeverre het mogelijk is om het vrije uitloopgebied van biologische kippen te beplanten met wilgen. ,,Van dat project en nog drie andere locaties in Nederland hebben we heel veel geleerd. Naast ons onderzoek nam het Louis Bolk Instituut ook proeven met fruitbomen en olifantsgras in het uitloopgebied van de kippen. Het dubbel benutten van grond is in de experimenten geslaagd. De kippen blijken ook veel verder te lopen dan voorheen. Ze ervaren meer beschutting en blijven niet langer dicht bij de stal lopen. Dat vinden instanties die certificaten geven heel belangrijk. Uit onderzoek van het Louis Bolk Instituut bleek bovendien dat de kippen heel tevreden geluiden maakten.''

Voor de pluimveehouder valt een investering in wilgen-energie mee, meent Boosten. ,,Het gaat om 4.000 euro per hectare, die je in acht tot tien jaar makkelijk terugverdient. En zo'n plantage gaat zeker 25 jaar mee. Je hebt er weinig omkijken naar. Naar de toekomst toe is het een slimme investering: er komt steeds meer vraag naar biomassa en zelfvoorziening.'' De pluimveehouders kunnen het hout in de buurt verkopen, of - als ze een gemengd bedrijf hebben - gebruiken om bijvoorbeeld de kalverstallen te verwarmen, oppert Boosten.