Kent u me nog?

"Burgemeester, kent u me nog?" Hij kijkt mij verwachtingsvol aan en wacht geduldig. Ik kijk hem in de ogen aan en denk diep na. "U was bij ons voor de opening", helpt hij mij op weg. Dan valt het kwartje. "Ja, van de Pluktuin" antwoord ik. "Je hebt me rondgeleid en de dieren en theetuin laten zien." Wat was hij trots op de dieren, de bloemen en vooral zijn kantine waar hij de leiding heeft. Die houdt hij netjes en schoon, hij zorgt voor de koffie en de broodjes, zo vertelde hij mij. "Dat was mooi hè, burgemeester!" Ja, dat is heel mooi, met een uitroepteken.

PLUKTUIN Een pluktuin op de hoek Rijksweg-Nijkerkerweg voor dagbesteding van mensen met een licht verstandelijke beperking. Ze verzorgen de kippen, konijnen en pony's. Ontvangen de bezoekers gastvrij en helpen bij het plukken van fruit of bloemen. Vorig jaar september mocht ik die pluktuin openen. Nu weet Jan Knulst mij te vinden, want hij kent mij en ik "her-ken" hem nadat hij mij een handje hielp. Een ontmoeting in het dorp tijdens veteranendag. Hij was natuurlijk gekomen voor de mooie oude legervoertuigen van 'Keep Them Rolling'. "Wat zien die er prachtig uit hè, heb je er al ingezeten?" Ik prik hem de witte anjer op zijn trui: "Zo, nu hoor je er ook bij, want met veteranendag dragen we een witte anjer". Samen zwaaien we de veteranen uit die met de voertuigen vertrekken voor een toer door onze dorpen.

MOOIE VRAAG "Kent u me nog?" Wat een mooie vraag eigenlijk. Nee, ik kan mij niet altijd zomaar de namen herinneren van de mensen die ik allemaal ontmoet. Dat mensen mij herkennen is in elk geval, met ambtsketen om, een stuk gemakkelijker. Het mooie van de vraag is dat er blijkbaar iets is gebeurd in de relatie en er een "her-kenning" volgt. Ja, we hebben elkaar eerder ontmoet, grijpen terug op dat moment en her-bevestigen dat het waardevol was. Het had betekenis en die waarde halen we weer naar boven in het hier en nu. Ik zie jou en jij ziet mij. We worden gekend en halen samen "her-inne-ringen" op. Kijken elkaar aan en voelen dat we mensen mogen zijn in de ontmoeting met de ander. Wordt u ook blij van zulke contacten op ooghoogte?

VAN BETEKENIS ZIJN Van betekenis zijn voor elkaar in de ontmoeting. Hoe anders is dat voor mensen die zich eenzaam voelen. Heel persoonlijk hoor ik verhalen van mensen die het gevoel hebben er niet meer bij te horen en in een sociaal isolement zijn beland. Geen aansluiting meer bij clubs, verenigingen, kerk, buren of werk. Van bijvoorbeeld ouderen die er alléén voor komen te staan als een levenspartner overlijdt. Of als de levenskracht afneemt en je alléén thuis zit.

Onlangs organiseerde Welzijn Barneveld een avond om hierover van gedachten te wisselen. Oud worden, ja dat wil iedereen wel graag. Maar oud zijn…? Eerst nog vechten tegen de rimpels en de plooien. Leren accepteren dat je lijf en leden niet altijd meer kunnen wat je wel zou willen. Goede vrienden en relaties die om je heen wegvallen. Afhankelijk worden van zorg en ondersteuning. Je steeds meer alléén voelen. Oud worden… "Ach, ik zag het al een hele tijd aankomen. Het is geen bijzondere prestatie. Als ik mijn adem had ingehouden, was het niet gebeurd." Zo reageerde Wim Kan ooit toen hem naar het ouder worden werd gevraagd. Mooi dat hij als cabaretier er humor van kan maken. Dat relativeert, de lach maakt de traan beter verdraagbaar.

Eenzaamheid heeft alles te maken met gebrek aan contact. Contacten waarin je de vraag mag stellen: "Kent u me nog?" Of: "Weet je nog?" En: "Zal ik je eens vertellen over toen… en wil jij mij dan vertellen over nu?" In de ontmoeting met de ander mag je worden wie je bent, elke dag opnieuw. Maar als er dan geen ander meer is…? Gelukkig zijn er in onze gemeente heel veel betrokken mensen en organisaties die zich inspannen en activiteiten organiseren om vereenzaming te voorkomen. Zoals uitstapjes, ontspanningsactiviteiten, activerend huisbezoek, ontmoetingen-in-de-wijk, inloophuizen, maatjesprojecten, samen eten en een luisterend oor bieden. Ik zou u allemaal willen uitnodigen nog eens goed in uw omgeving te kijken wie er best een beetje aandacht nodig heeft. Misschien kunt u hem of haar dan eens aanspreken. De startvraag heeft u dan hierbij: "Kent u me nog?".

Asje van Dijk