• Carola Veldhuizen kreeg van de artsen te horen dat ze haar zesentwintigste jaar niet zou halen.

    Haije Bergstra

‘Sta op uit je rolstoel’

BARNEVELD ,,De artsen, zowel in Nederland als in België, hadden mij al opgegeven”, zegt Carola Veldhuizen. Ook zij zelf verwachtte dat ze niet meer lang te leven had. Toen vroeg iemand: ,,Mag ik voor je bidden?”

Haije Bergstra

Wie is Carola Veldhuizen in twee steekwoorden?

Het is lange tijd stil. ,,Dat is gelijk al een moeilijke vraag. Ten eerste een kind van God.” Het is nog een tijd stil. ,,Volhouder”, zegt ze uiteindelijk.

Reflecteer je niet vaak?

,,Jawel, maar omdat ik veel reflecteer, schieten er nog veel meer woorden door mijn hoofd. Genezen. Gepassioneerd. Bezig bijtje. Liefdevol. Recht-zoeker. Afhankelijk van God. Ik bedoel: dat wat ik doe, mag ik doen. Ik doe het niet omdat ik het zo goed voor elkaar heb.”

Bepaalt je verleden waarmee je nu bezig bent?

,,Ja, zeker. Er zijn in mijn leven zoveel dingen gebeurd die krom waren, die recht gepraat werden en die ik moest slikken. Natuurlijk zijn er altijd dingen die je overkomen en waar je mee moet dealen. Waar ik veel aan heb gehad, is dat mijn ouders en opa zeiden: ,,Je lichaam staat niet gelijk aan wie je bent. God heeft je gemaakt en je bent geliefd door Hem. Wat er ook gebeurt, het doet geen afbreuk aan jou.” Daar heb ik altijd veel aan gehad en het gaf mij het juiste zelfvertrouwen. Als ik dan iets fout deed, dacht ik niet direct dat een ander, die er dan wat van zei, mij een vreselijk mens vond. Ik dacht eerder dat ik het de volgende keer gewoon anders moest doen. Dat kan ik nog steeds heel makkelijk scheiden.”

Bepaalt de toekomst wat je nu doet?

,,Ik denk nooit na over de toekomst. Mijn beste vriendin is coach. We delen veel samen. Met haar heb ik het er wel eens over waar je staat en waar je naartoe wilt. Dat laatste vind ik altijd lastig. De dingen die in mijn leven zijn gebeurd, heb ik nooit in de hand gehad. Ik zei tegen God: ,,Doe maar wat U wilt en ik zie wel waar het naartoe gaat.” Daarom vindt het lastig om een plan voor de toekomst te maken.”

Had je, als jij het volledig voor het zeggen had, gewild dat je leven anders was gegaan?

,,Nee, maar er zullen misschien een paar dingen weg zijn die erg pijnlijk waren.”

Welke dingen waren pijnlijk?

,,Pesten bijvoorbeeld. Ik heb een heftig pestverleden gehad. Achttien jaar ziek zijn gaat je ook niet in de ‘kouwe kleren’ zitten.”

Had je graag gewild dat het mogelijk was om je leven terug te spoelen? Had je andere keuzes willen maken?

,,Nee, want dan had ik niet gestaan waar ik nu sta. Dat heeft me gevormd tot wie ik nu ben. Ik denk, en dat kan ik voor mezelf hardop zeggen, dat ik de gelukkigste vrouw op aarde ben. Ik weet niet of dat anders ook zo geweest zou zijn. Het wil niet zeggen dat het leuk was, maar het heeft mij wel hier gebracht waar ik nu sta. Ik ben er sterker uitgekomen.”

Hoe oud was je toen je ziek werd?

,,Op mijn zevende kreeg ik een parvo-virus. Het was geen jeugdreuma en ook geen pfeiffer, maar ik had wel last van vermoeidheid en van mijn gewrichten en had ook veel spierpijn. Ik was met zuurstofgebrek geboren. Daardoor stond mijn been naar binnen. Ik had al lange tijd fysiotherapie gehad en dat moest toen doorgezet worden. Toch kwamen ze er niet achter wat mij mankeerde. Ik kreeg een eierstokontsteking die uitliep op een blindedarmontsteking. Daar heb ik een jaar lang mee rondgelopen. Nadat men ontdekte wat het was, ben ik met spoed geopereerd. Ik heb een poos in het ziekenhuis gelegen, omdat alles was ontstoken. Daarna kwam ik in een stroomversnelling terecht. Mijn knieschijf zat te hoog. Door een verkeerde beweging scheurde ik mijn meniscus af. Doordat die deeltjes onder mijn knieschijf terecht kwamen kon ik mijn been niet meer buigen. Tijdens de operatie die volgde, kreeg ik een hartstilstand. Men dacht dat ik allergisch was voor de verdoving, maar dat bleek later niet zo te zijn. Mijn hart was gewoon erg zwak. Ik ben gereanimeerd en daarna alsnog geopereerd. De operatie mislukte ook nog tot overmaat van ramp. Daardoor liep ik al vanaf mijn tiende op krukken en het ging alleen maar slechter met mijn knie. Ik slikte daarom veel pijnstillers. Op mijn twintigste kreeg ik door alle ibuprofen een maagbloeding. Doordat mijn maag niet meer goed functioneerde, duurde de spijsvertering drie tot vier keer zo lang, vitamines en mineralen werden niet meer opgenomen. Vanaf dat moment is het nog harder achteruit gegaan, doordat ik geen voedingsstoffen meer binnenkreeg. Mijn spieren braken langzaam af. Je zou kunnen zeggen dat mijn lichaam ermee stopte. Mijn hypofyse maakte teveel cortisol aan, een stof die lijkt op adrenaline. Hierdoor was ik de hele dag alert en stonden alle zintuigen op scherp. Dat was enorm vermoeiend. Ik ben naar een Belgische arts gegaan, omdat ze in Nederland niet meer wisten wat ze met mij aan moesten. Daar werd gezegd dat ik negen verschillende ziektes had die niet tegelijk te behandelen waren. Ik zat in een vicieuze cirkel. Mijn lichaam ging harder achteruit en ik lag op het laatst achttien uur per dag in bed. Overal in mijn lichaam had ik ontstekingen en ik kreeg hartklachten door bloedvaten die verkrampten.”

Was dat op het laatst erg stressvol?

,,Ja, maar ik vocht als een leeuw, want ik wilde wel weten of er een arts was die nog iets voor me zou kunnen betekenen.”

Je komt dan in een uitzichtloze situatie terecht.

,,Ja, want in Nederland gaven ze me op. In België hebben ze het nog drie jaar geprobeerd.”

Dan kom je thuis en dan ben je opgegeven.

,,Dan ga je er nog een leuke tijd van maken. Ik wilde bewijzen dat ik wel 26 zou worden. Net voor mijn 25e verjaardag had de dokter gezegd: ´Vier deze verjaardag groots, het kan wel eens je laatste zijn´. Dat hebben we gedaan. Een groot feest. Zaaltje gehuurd. We hebben vrienden, familie, iedereen laten komen. Het was een mooie dag die ik nog steeds koester. Ik hoef geen spullen te hebben, ik wil graag herinneringen bewaren aan de mensen van wie ik houd.” Ze maakt even een sprong in de tijd. ,,Ik heb de tolk- en gebarentaalopleiding gevolgd. Toen ik in een rolstoel terecht kwam, kostte het tolken mij steeds meer energie. Voor een vrouwendag van stichting Bitja in Renswoude werd ik gevraagd om te tolken. Dat ik me niet ‘lekker voelde’, vond ik geen goede reden om niet te gaan. Dat was altijd het geval. Maar ik wist wel dat ik daarna zo moe zou zijn, in slaap zou vallen en niet meer wakker zou worden, als ik het zou doen. In overleg met mijn ouders koos ik ervoor om het toch te doen. Zes dagen of zes weken maakten voor mij niets meer uit. Ik was erg ziek. Alles in mijn buik was ontstoken. Ik was het na 18 jaar zat om te vechten.”

En?

,,Tijdens deze vrouwendag was er een man uit Veenendaal die aanvoelde dat hij tijdens die dag voor iemand moest bidden. Hij zag mij zitten en dacht: ´Met haar ga ik bidden´. Hij vroeg aan mij of hij dat mocht doen. Ik dacht: ´Prima, als jij dat wilt´. Ik dacht dat hij ging bidden voor rust, het wegnemen van de pijn en voor de laatste dagen. Maar hij wilde voor genezing bidden. Ik wist dat dat kon, maar ik kende het niet. In de kerk was het ook een niet veel besproken onderwerp. Ik had ook nooit verwacht dat het voor mij zou kunnen zijn. Daardoor was ik naïef en dacht: ´Baat het niet, dan schaadt het niet´. Hij legde uit wat hij ging doen en dat hij mij als een vriend bij Jezus wilde brengen. Hij ging bidden. Hij sprak over dingen die we helemaal niet hadden besproken. Dat was bijzonder. Nu denk ik dat alleen God hem dat duidelijk heeft kunnen maken. Na een poos zei hij amen en vroeg of ik op wilde opstaan uit mijn rolstoel. Ik stond op en had geen pijn. Ik had altijd het gevoel dat ik met mijn blote voeten op egeltjes stond. Dat gevoel was weg. Het begon te tintelen in mijn voeten en dat ging langzaam omhoog. In mijn buik heb ik lang een warm branderig gevoel gehad. Daarna ging het nog meer naar boven en verliet het gevoel op een gegeven moment mijn lichaam. Ik merkte dat de zwellingen in mijn buik weg waren. Ik heb echt staan stampen op de grond. Het klopte niet, het deed geen pijn. Ik heb gevraagd of iemand mij om wilde duwen. Wanneer dat daarvoor gebeurde, schoot er altijd wel iets uit de kom. Ook dat gebeurde niet. De man is weer naar huis gegaan en ik heb die nacht tot een uur of drie rondgelopen.”

Hoe reageerden je ouders?

,,Zij waren erg blij en tegelijkertijd ook overmand door emoties. Niemand in mijn familie reageerde sceptisch, maar ik heb daarna wel mensen gesproken die zich afvroegen of het in de dagen daarna nog steeds goed met me ging. Ik ben inmiddels vijf en een half jaar verder en ben nog nooit zo gezond geweest.”

Ben je bij artsen langs gegaan?

,,Dat heb ik allemaal gedaan. Ik had de bevestiging van de arts niet nodig, maar het is wel handig als het in je dossier staat. Vooral omdat ze dachten dat ik ging sterven. Als je dan niet meer komt… Ik wilde ook laten zien dat pillen niet altijd de beste oplossing zijn en dat je altijd moet blijven bidden.”

Hoe reageerden de mensen uit de kerk?

,,De zondag daarna is er direct een dankdienst gehouden vanwege mijn genezing. Dat was heel bijzonder en mooi. Daarmee liet de kerk ook zien dat God nog steeds grote dingen kan geven. Hij is nog steeds met de wereld bezig. Ik moet er wel bij zeggen dat ik niet geloof omdat ik ben genezen. Er zijn soms mensen die zeggen dat ze begrijpen waarom ik in God geloof. Ik geloofde al, ook toen ik ziek was. Mijn geloof is wel versterkt, dat lijkt mij logisch.”

Kon je de verandering aan?

,,Het was de wereld op z’n kop. Dat wordt wel eens onderschat. Tijdens mijn ziekte kon ik aan veel dingen niet meedoen en moest ik mij aanpassen. Ik kon bijvoorbeeld niet fietsen, ik deed niet aan activiteiten van school mee. Ik genas in een uur en de gevolgen van deze verandering waren en zijn heel confronterend.”

Waar leef je voor?

,,Ik leef voor het Koninkrijk van God. Ik ben theologie gaan studeren, zo mag ik daar een steentje aan bijdragen. Voor de ChristenUnie zit ik in de gemeenteraad in Renswoude. En ten slotte heb ik van mijn hobby mijn beroep gemaakt: ik maak radioprogramma’s bij Trans World Radio.”